Effecten van het voorkeursscenario

De mogelijke kansen en risico’s als gevolg van de effectbeoordeling van het voorkeursscenario zijn geprojecteerd in het Rad van de Leefomgeving (figuur 9). Met de (autonome) referentiesituatie in 2030 als vertrekpunt, geven de groene pijlen kansen weer voor verbetering van de staat van de fysieke leefomgeving. Rode pijlen geven mogelijke risico’s weer voor verslechtering van de staat van de fysieke leefomgeving. De dikte van de pijlen wordt bepaald door het aantal beleidsuitspraken in de Omgevingsvisie dat leidt tot een kans en/of risico voor de specifieke aspecten uit het Rad; hoe dikker een pijl, hoe meer kansen of risico’s. De dikte van de pijlen zegt dus niets over de aard of omvang van kansen en risico’s of de aannemelijkheid dat deze zich kunnen voordoen; de complexiteit en daarmee samenhangende onzekerheden over de doorwerking en uitvoering van het beleid zijn hiervoor te groot.

Ter illustratie:

Het realiseren van 100ha nieuwe natuur levert een kans op positief effect op biodiversiteit. Dit uit zich een in groene pijl in het Rad van de leefomgeving voor het voorkeursscenario. Het realiseren van meer nieuwe natuur, bijv. 500 ha, leidt tevens tot een kans op een positief effect. Maar de groene pijl wordt niet dikker hierdoor. Ondanks dat de kans op een positief effect bij 500 ha nieuwe natuur groter is dan bij 100 ha nieuwe natuur, uit zich dit niet in de beoordelingscore (dikte van de groene pijl).  

Effecten van beleidsuitspraken kunnen vaak nog zowel positief als negatief uitpakken, afhankelijk van de verdere concretisering in de uitwerking in de definitieve Omgevingsvisie, programma’s, de vervolgbesluiten en van de inzet van het instrumentarium. De beoordeling van de scenario’s is daarom met behulp van een beschouwing van de kansen op mogelijke positieve effecten en risico’s op mogelijke negatieve effecten in beeld gebracht. Deze effecten hoeven niet daadwerkelijk op te treden maar geven een indicatie van mogelijke gevolgen van de beleidsuitspraken in de ontwerp Omgevingsvisie.

Hieronder volgen de belangrijkste punten die naar voren komen uit de effectbeoordeling.

Kansen

Grootste aantal mogelijke kansen (per saldo): Omgevingsvisie kan daarmee vooral positief bijdragen aan:

  • Gezonde leefstijl en leefomgeving

Door de verkorte afstand tot lokale winkelvoorzieningen en de aanleg van routes voor langzaam verkeer

  • Groenbeleving

Door een vergoening van de openbare ruimte bij ruimtelijke herontwikkeling (woningbouw en bedrijvigheid) en aanleg van een ecologische verbindingen door het stedelijke gebied (Uitgangspunt: bij binnenstedelijke herontwikkelingen minimaal 20% groen en bij herinrichting openbare ruimte wordt 10% vergroend).

  • Sociale samenhang

Door het realiseren van locaties waar men elkaar kan ontmoeten. Dit kan een lokaal winkelcentrum zijn maar ook een de aanleg van routes voor langzaam verkeer.

  • Adequate voorzieningen

Door binnenstedelijk te verdichten (inbreiding) nabij voorzieningen neemt de afstand tot voorzieningen af. Daarnaast wordt er ingezet op lokale winkelmilieus in wijken en op aanleg van routes voor langzaam verkeer maar ook snelfietsroutes naar voorzieningen.

  • Aantrekkelijk vestigingsklimaat

Door zowel woningbouw en een toename in bedrijvigheid kan het vestigingsklimaat aantrekkelijker worden. Hiermee hangt ook de aanwezigheid van voorzieningen (lokaal en regionaal) als de toegankelijkheid samen. De toegankelijkheid van Breda wordt vergroot door meerdere op mobiliteit gerichte maatregelen, zoals een innovatief openbaar vervoerssysteem.

Risico's

Grootste aantal mogelijke risico’s (per saldo): Omgevingsvisie geeft vooral mogelijke risico´s op verslechtering bij:

  • Broeikasgassen

Door een toename in verkeersgerelateerde bewegingen, zowel personenvervoer en transportbewegingen, als gevolg van woningbouw en een bedrijvigheid. Ook kan de vergroting van de capaciteit van de Noordelijke Rondweg leiden tot een toename in autoverkeer en daarmee in de uitstoot van broeikasgassen. Ook gebouwen (woningen, bedrijven en instellingen) dragen bij aan de uitstoot van broeikasgassen.

  • Luchtkwaliteit

Door een toename in verkeersgerelateerde bewegingen, zowel personenvervoer en transportbewegingen, als gevolg van woningbouw en een bedrijvigheid. Ook kan de vergroting van de capaciteit van de Noordelijke Rondweg leiden tot een toename in autoverkeer en daarmee in de uitstoot van fijnstof en stikstofdioxiden wat kan leiden tot een verslechtering van de luchtkwaliteit

  • Geluidhinder

Door een toename in verkeersgerelateerde bewegingen, zowel personenvervoer en transportbewegingen, als gevolg van woningbouw en een bedrijvigheid. Ook kan de vergroting van de capaciteit van de Noordelijke Rondweg leiden tot een toename in autoverkeer en daarmee in de toename van geluidhinder. Daarnaast geldt dat door evenementen in het centrum en in woongebieden te houden en door inbreiding de kans op geluidsoverlast toeneemt (ervaren geluidhinder).

  • Natura 2000-gebieden

Door een toename in verkeersgerelateerde bewegingen, zowel personenvervoer en transportbewegingen, als gevolg van woningbouw en een bedrijvigheid. Ook kan de vergroting van de capaciteit van de Noordelijke Rondweg leiden tot een toename in autoverkeer en daarmee in een toename in stikstofuitstoot. Ook de opgaven gerelateerd aan de energietransitie kunnen leiden tot verstoring van Natura 2000-gebieden. Dit risico is echter afhankelijk van de daadwerkelijke invulling van de energietransitie.

  • Biodiversiteit

Inbreiding van woningen en bedrijvigheid kan de druk op binnenstedelijke biodiversiteit doen toenemen. Daarnaast kunnen nieuwe mobiliteitsverbindingen resulteren in een barrière voor dieren. Tenslotte kan ook de inpassing van de energietransitie leiden tot verhoogde druk op de biodiversiteit.

Figuur 9: Rad van de leefomgeving voorkeursscenario (grotere weergave)

Dit figuur weergeeft de staat van de leefomgeving in het voorkeursscenario. Dit wordt weergegeven aan de hand van een cirkel diagram. In dit cirkel diagram wordt per onderwerp middels een lijn tegen een gekleurde achtergrond de milieueffecten weergegeven. De kleuren hebben de volgende betekenis: rood = overwegend problemen/knelpunten, oranje = wisselend beeld, groen = overwegend geen sprake van problemen/knelpunten.